Het einde van de kleine horeca

In de podcast ‘The Gygs’ met Yves Gijrath en Erik de Vlieger van medio december wordt onder andere gesproken over de horeca. Gijrath verklapt een anekdote over een bijeenkomst een paar maanden geleden op het eiland Pampus (een forteiland in het IJmeer te Amsterdam) waar een goede bekende van hem en ook Femke Halsema aanwezig waren. Hij hoorde na afloop van deze goede bekende wat Halsema had verteld terwijl ze buiten een sigaretje stond te roken. Halsema vertelde dat er in Amsterdam ongeveer 8000 horecazaken zijn en dat van de helft daarvan de afkomst van de financiering niet bekend is. Ook gaf ze aan dit als burgemeester niet te kunnen handhaven.

Wat Halsema volgens Gijrath min of meer zei was dat de gemeente wil dat er minder horeca komt, want er zit teveel crimineel geld in, dus ‘laat maar doodbloeden’. De Vlieger vult aan dat hij denkt dat er nog iets meer aan de hand is. Namelijk dat de horeca, met name in Amsterdam, grotendeels in handen is van een aantal ‘blokken’. Deze blokken kopen nu in rap tempo voor een appel en een ei de kleinere horeca-tenten van mensen op die het niet meer kunnen bolwerken. Wat er nu gebeurt als gevolg van dit (corona) beleid is dat aan het einde van de crisis de grote ondernemers groter zijn geworden en de kleineren verdwenen. Zo blijven er alleen nog multinationals over, en betekent dat het einde van de kleine horeca.

Binnenland